Spiegelbeeld
27 augustus 2008
De oudeste zoon staat voor de spiegel. Hij kijkt naar zichzelf en lacht. “Wil je met me spelen, B.?” vraagt hij aan het mannetje in de spiegel. “Ja? Dan kunnen we vragen aan juf Katleen of…”
Misschien duurt de vakantie toch net iets te lang voor een kleuter. Misschien heeft hij tijdens de zomermaanden te weinig leeftijdsgenootjes gezien.
Nieuw-Zeeland-gevoel
4 augustus 2008
Een hele tijd geleden vulde ik een online vragenlijst in om me kandidaat te stellen voor een immigratieprocedure. Want sinds ik bijna negen jaar geleden ruim zes maanden lang in Nieuw-Zeeland heb rondgetrokken, voel ik het af en toe kriebelen. Maar ik had niet gedacht dat ik dat plan ernstig in overweging zou moeten nemen: ik zou toch geen kans maken om een visum te krijgen. Het tegendeel bleek waar: “Op basis van de door u aangeleverde informatie delen wij u mede dat u zeer waarschijnlijk in aanmerking komt voor een succesvolle emigratie.”
Maar wil ik echt weg? Ik ben er nog altijd niet uit.
Intussen doen de avonden buiten op straat met de buren me denken aan toen…
Weggooien
20 juli 2008
Je hoofd is een warboel. Je twijfelt aan jezelf. Doe je dit en dat wel goed genoeg? Geef je zus en zo wel voldoende kansen? Kun je A en B wel combineren? En dus is het tijd om los te laten en weg te gooien. Het helpt als je eerst iets tastbaars kunt weggooien, ontwarren, ordenen. Deze keer moet de kleerkast eraan geloven. Een trui, T-shirts, een vestje en enkele topjes worden op een stapel voor weet-je-veel-welk-goed-doel gelegd.
De mist begint langzaam op te trekken.
Tram
10 juli 2008
Gisteren nam ik de tram naar huis. Er kwam een man van achteraan in de veertig naast me zitten. Ik was verdiept in mijn boek en merkte het pas op toen hij mij aansprak. Of ik nog aan het studeren was? Of ik kinderen had? Hoeveel, hoe oud, jongens of meisjes? En of ik een vriend had? Ik bleef heel vriendelijk antwoord geven, en nog behoorlijk uitvoerig ook. Uit beleefdheid, misschien? Of omdat ik inderdaad een trotse moeder ben? Hoewel ik hoopte dat hij zo snel mogelijk zou afstappen, vroeg ik me toch nog af of ik – uit geveinsde interesse – een weervraag moest stellen. Waarschijnlijk was dit de enige goede geweest: “En waarom wilt u dat weten?”